o.a.
NLP betekent Neuro Linguïstisch Programmeren. Het is de basis voor Gesprekstherapie Counselen en Coachen. NLP legt vast hoe mensen zich verbaal en non- verbaal in hun omgeving handhaven. Het combineert naadloos met andere behandelmethodes. NLP is in de jaren ’90 door dr. R. Bandler in een ‘nieuw jasje’ gestoken, waarmee het zich richt op de behandeling van Psychische- en Psychosomatische klachten. De methode is snel en effectief. Natuurlijk is dat van invloed op de duur van behandeling en kosten. De meest effectieve vorm van Hypnotherapie? Heel goed mogelijk! Uiteraard maakt ook George van Veen gebruik van deze snelheid en effectiviteit.
AT. Autogene Training is uitgedacht door de arts Johannes Heinrich Schultz (1884. 1970). De methode is gebaseerd op zelfdoen. Men leert zelf ontspanning en zelfsuggestie toe te passen die leiden naar “automatische” verbetering of herstel. AT kan op elk moment en overal worden toegepast, is met elke andere therapie te combineren, is eenvoudig te leren en is zeer doeltreffend om complete ontspanning te bereiken.
NEI betekent Neuro Emotionele Integratie. Deze methode werd ontwikkeld door Roy Martina (arts). In Nederland zijn de eerste N.E.I. trainers opgeleid in 1995. Ook George van Veen behoorde tot deze groep. Bedoeling ervan is om te begrijpen waarom we op een bepaalde manier reageren of ons voelen. Als we een gedrag of gevoel willen veranderen, is daarvoor bewustwording van de diepere oorzaak van gedrag noodzakelijk. NEI maakt o.a. gebruik van spiertesten. Men noemt dat de O-ringtest. Hiermee worden de allereerste emoties, die het ongewenste gedrag veroorzaken, snel naar boven gehaald. Vervolgens worden deze emoties geïntegreerd in het huidige gedrag. Hierna zou het gewenste gedrag bereikt moeten zijn. Zo niet, dan wordt er verder gezocht naar eventuele andere oorzakelijke emoties, net zolang als nodig is om het gewenste gedrag wel te bereiken.
TLT. Door middel van Time Line Therapie kan iemand terug kijken naar gebeurtenissen uit het verleden of een blik werpen op het heden of de toekomst. Hierbij wordt gebruik gemaakt van zogenaamde tijdlijnen. Deze kunnen denkbeeldig of fysiek worden gecreëerd. Dat ligt voor ieder mens verschillend. De persoon kan bij wijze van spreken overstappen van de ene naar een andere tijdlijn om gebeurtenissen uit het verleden opnieuw mee te maken, herinneren, en opnieuw te verwerken, of naar een gewenst toekomstperspectief kijken om voor zichzelf duidelijk te krijgen hoe zijn/haar toekomst er uit zal zien.
Hierboven werden een aantal technieken beschreven die reeds in de praktijk bewezen zijn. Een volledige opsomming van bruikbare technieken zou een lange lijst opleveren. Daar zit niemand op te wachten. Behandelaars gebruiken vaak meerdere technieken. Technieken zijn aan verandering onderhevig of zijn soms achterhaald. Daarom zijn er met regelmaat na- en bijscholingen, met de nieuwste technieken, die direct en verantwoord in praktijk gebracht kunnen worden.
